Ondernemen in Peru en Colombia

WereldveroveraarsIn May I was interviewed by Jorge Groen Freelance journalist for the Finacial News paper in Holland FD or Financieel Dagblad. The interview is a part of the series World Conquerors. World Conquerors is a platform for entrepreneurs interested in international business. The editorial content is independent of position. KLM is a partner of the projects

Friday 25 May 2012

Peru en Colombia zijn nog nauwelijks in beeld bij Nederlandse ondernemers. Zonde, beide landen hebben een bloeiende economie, maar hebben ook hun eigenaardigheden.

Wereldveroveraars

Nederlandse ondernemers denken bij Latijns-Amerika aan Brazilië en minder mate Mexico en Chili. Peru en Colombia zijn wel in beeld maar vooral bij bedrijven, die de regio al hebben verkend. Dat zegt Gerald Baal van Transfer Latin Business Consultancy (TLBC). Een project in Colombia voor een Nederlandse multinational stond 16 jaar terug aan de wieg van het adviesbureau dat Nederlandse bedrijven helpt de Latijns-Amerikaanse markt te betreden. Het Rotterdamse bedrijf wil dit jaar een kantoor openen in de Colombiaanse hoofdstad Bogota om klanten ter plekke beter van dienst te kunnen zijn.

Hoewel volgens Baal beide Zuid-Amerikaanse landen niet goed op de radar staan van Nederlandse ondernemers, sluimert de belangstelling. Aan een in april door de kvk Rotterdam georganiseerde handelsmissie naar Peru en Colombia hebben 21 Nederlandse mkb-bedrijven deelgenomen, waar werd gerekend op 16. ‘Op de eerste dag werd al een order geplaatst,’ zegt Baal. ‘Driekwart van deelnemers denkt binnen een jaar in een van de landen aan de slag te gaan. Dat zijn unieke cijfers voor een handelsmissie en toont aan dat wie de juiste producten en diensten aanbiedt snel ter zake kan komen in die landen.’

Handelsgeest

Volgens algemeen manager voor Amerika Erik van Berkum van de Vlaardingse automatiseerder voor de glastuinbouw Hoogedoorn (125 werknemers, onderdeel van Batenburg) zit de Nederlandse handelsgeest in Zuid-Amerika nog altijd in de fles. Spanjaarden, maar ook Duitsers en Britten gaan veel voortvarender te werk op het continent. ‘Nederlanders spreken veelal geen Spaans en kunnen in eigen land maar moeilijk Spaanstalig personeel werven. Wij zijn door onze lengte mogelijk ook te imponerend als zakenpartners. Ik ben kleiner dan de gemiddelde Nederlander en heb in Japan en Colombia meer succes dan in Nederland. Je wilt ook letterlijk op gelijkwaardige hoogte staan met je zakenpartner.’

Van Berkum is twaalf jaar geleden de Colombiaanse tak van Deliflor begonnen, één van de grootste internationale bloemenveredelaars wereldwijd. Destijds was hij een van de eerste ondernemers in het land, dat zuchtte onder drugs en guerrilla’s. Zijn Colombiaanse vrouw hielp een lokaal netwerk op te bouwen, onontbeerlijk voor de handel met het land. Toch zou ondernemers aanraden om een strategie voor Latijns-Amerika te ontwikkelen en niet alleen voor Colombia of Peru. ‘Met alleen die twee landen verdien je je investering niet snel terug. Maak een plan voor de hele regio en doe ook marktonderzoek naar alle landen. Denk bijvoorbeeld aan Mexico.’

Peru en Colombia

Peru en Colombia mogen in het marktonderzoek niet ontbreken. Beide landen overleggen in Zuid-Amerika de beste economische cijfers. Peru is de snelst groeiende economie van Zuid-Amerika, met percentages boven de 8% en 6,8% in het afgelopen jaar. De Colombiaanse economie groeit stabiel met 5% per jaar. Beide landen moderniseren in hoog tempo en richten de blik steeds meer op het buitenland. De internationale handel is het afgelopen jaar toegenomen met circa 30%. ‘Het zijn interessante markten aan het worden met een opkomende middenklasse en jonge bevolking. Colombia  is na Brazilië de grootste markt van Zuid-Amerika,’ zegt Baal.

Ook de Nederlandse export naar beide landen in de lift. Vorig jaar is de waarde van de Nederlandse uitvoer naar Colombia voor het eerst de grens van € 1 mrd gepasseerd, tegen € 800.000 in 2010. De omvang van de export naar Peru is met € 345.000 in 2011 (€ 270.257 in 2010) bescheidener, maar laat ook een stijgende lijn zien. Er is onder andere vraag naar duurzame energie, technieken voor tuinbouw, waterafvoer en afvalverwerking. Zo zal de regering in Bogota de komende vier jaar ruim € 6 mrd investeren in de waterhuishouding.

Pablo Escobar en Tanja Nijmeijer

Toch wordt het land vaak vereenzelvigd met Pablo Escobar en Tanja Nijmeijer. Ten onrechte, zegt Van Berkum. ‘Colombia is een van de veiligste landen die ik ken. Ik kom voor mijn werk veel in Mexico, dat is een veel minder veilig land. Het geweld vindt vooral plaats in geïsoleerde gebieden in het land. Het is alweer vijf jaar geleden dat ik niet van Bogota naar Medellin kon rijden omdat de overheid mijn veiligheid niet kon garanderen. Dat kwam mede omdat de weg langs het huis van Pablo Escobar liep.’

Het lijkt in Peru slechter gesteld met de veiligheid dan in Colombia. Dat komt volgens Hans Giebing van Giebing The Fair Company (6 werknemers) omdat er veel contant wordt afgerekend: gas, licht en water, maar ook btw. Het maakt ondernemers kwetsbaar voor overvallen en diefstal door eigen personeel. ‘Bij grote bedragen spreek ik altijd af in de bank, overvallen staan dagelijks in de krant. Er is veel omzet gestolen in het verleden. Ik heb sinds een aantal jaar betrouwbare medewerkers in dienst. Ik betaal ze meer dan het minimumloon van € 200 per maand en neem ook hun sociale verzekeringen voor rekening. Daarvoor werken ze 10 tot 12 uur per dag, 6 dagen per week. Dat is een gemiddelde werkweek in Peru.’

Welvaartsprong

Dankzij de Peruaanse welvaartsprong gaat het Giebing The Fair Company Giebing voor de wind. Het in Lima gevestigde bedrijf richt zich volledig op de binnenlandse markt en heeft de export van elektrische treinen en trolleys op een laag pitje gezet. Winkelcentra rijzen in het land als paddenstoelen uit de grond rijzen, is er veel vraag naar zijn attracties. Een omzetcijfer wil de ondernemer niet noemen omdat hij geen slapende honden wakker wil maken in een land waar belasting ontduiken de nationale sport is. ‘Dit jaar worden in Lima alleen al 40 nieuwe winkelcentra gebouwd. Overal in het land worden ook wegen aangelegd. Toen ik mij vijf jaar geleden arriveerde, zaten de gaten in de weg. In Lima bouwen ze zelfs flats. Hoogbouw heeft de hoofdstad nooit gekend.

Eigenlijk wordt alleen de bureaucratie gevreesd. ‘In Peru wordt alles met de hand geregistreerd, wat veel tijd kost,’ zegt Giebling. ‘Mijn vrouw is Peruaanse en had al een aantal bedrijven in Lima. Zonder gedegen voorbereiding en lokale vertrouwenspersoon die je de weg wijst in het land valt door de vreselijke bureaucratie ondernemen in Peru niet mee.’

Douane

Van Berkum kan begrip opbrengen voor de soms omslachtige Colombiaanse douaneformaliteiten; het land wil zo min mogelijk drugs uitvoeren. Hij heeft meer moeite met de bankensector van het land, die ouderwets te werk gaat. Banken lenen tegen woekerprijzen. ‘Ik heb mijn huis in Colombia gekocht met mijn creditcard. Daarmee kreeg ik betere leenvoorwaarden voor een hypotheek.’

Tips van adviesbureau Transfer voor ondernemen in Peru en Colombia:

  1. Beschouw Colombia noch Peru als ontwikkelingsland. Dankzij bloeiende economieën is een zelfbewustzijn ontstaan waarbij de gedachte is dat op gelijke voet zaken gedaan kan worden;
  2. Colombia en in minder mate Peru werkt hard aan het wegnemen van het negatieve imago uit het verleden. Uw gesprekspartner kan de verbetering mogelijk trots ter sprake brengen. Uw bevestiging kan het gesprek goed doen. Het verleden oprakelen wordt afgeraden;
  3. Haastige spoed is in Colombia noch Peru nooit goed. Pas de budgetten en planning hierop aan;
  4. Emotionele argumenten kunnen effectiever zijn dan die gebaseerd op cijfertjes; Een positieve en vriendelijke houding is ten zeerste aan te raden;
  5. Start een eigen vestiging, bemand door personeel met kennis van de Spaanse taal en lokale gewoonten. Mocht een lokaal kantoor niet haalbaar zijn: bouw een persoonlijke relatie op met uw handelspartner;
  6. Colombia kent meerdere economische centra. Bogotá is het politieke, financiële en zakelijke centrum van het land, maar ook steden als Medellín, Calí en Cartagena huisvesten hoofdkantoren
  7. Accepteer altijd koffie, Colombianen zijn trots op hun uitstekende koffie. In de avonduren kan hierbij lokale rum gedronken worden. Als u het tijdens de maaltijd op z’n Colombiaans wilt doen, vouwt u uw sla met het mes om de vork;
  8. Open een geschenk niet in het bijzijn van de gever. Colombia is hierin een uitzondering ten opzichte van de rest van Zuid-Amerika
  9. Het Peruaanse bedrijfsleven is doorgaans minder internationaal ervaren. Hoe meer ervaren uw potentiële zakenpartner is, hoe gemakkelijker het is om tot overeenkomst te komen;
  10. De Peruaanse keuken staat als zeer goed bekend. Hierop zijn de Peruanen ook trots. Ceviche, de lokale variant op de Japanse sashimi is heerlijk en gezond. Hierbij kan de lokale cocktail aangeboden worden: Pisco Sour. Het doet het altijd goed om te zeggen dat deze beduidend beter is dan de Chileense variant;

Featured image thanks to Sean Knoflick, Enrique Lara

Gran Marcha Internacional contra el Secuestro y las FARC

El lunes 4 de febrero en La Haya: Gran Marcha Internacional contra el Secuestro y las FARC

Farc

El 4 de febrero del 2008 a partir de las 11.30 hrs, en La Haya partiendo de Plein, delante del Parlamento, y como en el mundo entero, una gran marcha internacional para apoyar la liberación de los otros 774 secuestrados por las FARC.

Sólo Clara Rojas y Consuelo González de Perdomo han sido liberadas el 10 de enero 2008:¡NO ES SUFICIENTE! ¡La liberación de todos los secuestrados debe continuar!

PARA APOYAR A LOS 774 SECUESTRADOS: UN MILLÓN DE VOCES SE UNEN EN EL MUNDO CONTRA LAS ACCIONES DE LAS FARC

Una gran marcha internacional está siendo organizada en La Haya y en el mundo entero el 4 de febrero de este año. El pueblo colombiano y todos los que lo apoyan van a concientizar a la opinión pública mundial sobre el horror que vive a diario el pueblo colombiano a causa de un grupo terrorista: las FARC (Fuerzas Armadas Revolucionarias de Colombia).

Un solo objetivo: que simples ciudadanos manifiesten ante el mundo entero el dolor de Colombia y decir simplemente:

NO MÁS ataques a las poblaciones más vulnerables

NO MÁS secuestros

NO MÁS masacres y asesinatos

NO MAS acciones terroristas

Habrán manifestaciones, marchas, encuentros el próximo 4 de febrero en Colombia y el mundo entero: París, Nueva York, Londres, Madrid, Buenos Aires, Miami, Sídney, Barcelona, Munich, Toronto, Filadelfia, Boston, Quito, y aún más ciudades.

COLOMBIA: UN PAÍS QUE SUFRE DESDE HACE MÁS DE 50 AÑOS

El secuestro es uno de los crímenes más horrorosos que puede ser cometido. Amnistía Internacional, en su comunicado de prensa del 10 de enero 2008 declaro que ” El secuestro representa una violación flagrante del derecho internacional humanitario y puede constituir un crimen de guerra”. Clara Rojas en sus primeras declaraciones después de su liberación dijo sobre las FARC: ” mantiene a personas secuestradas“, lo que constituye “un delito de lesa humanidad“. Consuelo González de Perdomo narró como las FARC mantenía encadenados de día y de noche a varios de los secuestrados.

Las cifras de las FARC :

774 secuestrados actualmente en la selva colombiana

6 772 personas secuestradas está última década

Esta organización se ha convertido en un poderoso grupo narcoterrorista que destruye a Colombia nuestro país. Desde hace más de 50 años, drogas, ataques terroristas y secuestros traen a nuestra patria violencia, pobreza, tragedia humanitaria y regresión social. El mundo entero debe saber que las FARC son un grupo terrorista que asesina al pueblo colombiano!

UNA INICIATIVA DEL PUEBLO COLOMBIANO

Esta manifestación internacional nació de las voces de miles de colombianos residentes en todo el mundo que se han unido a través de Internet desde el 4 de Enero de 2008. En pocos días más de 70.000 personas (cifra en constante evolución) han adherido a esta iniciativa y reclaman una acción de tamaño internacional para hacer saber al mundo entero la verdadera cara de las FARC, tal y como es vivido al cotidiano desde hace muchas décadas por el pueblo colombiano. Este grupo no tiene ninguna afiliación política y no está asociado a ninguna organización o fundación, grupo gubernamental o figura política. SÓLO la indignación frente los atentados perpetrados desde demasiado tiempo ya por las FARC, reúne todas las personas del mundo entero.

Site internet : http://www.colombiasoyyo.org/french.html

Alejandro Bernal, vocero La Haya, Países Bajos : nomasfarclahaya@gmail.com

« Un million de voces contra les FARC » : http://www.facebook.com/group.php?gid=6684734468

Marcha Farc

Featured image thanks to Camilo Ruada Lopez

El Puente Occidente een historische brug

El Puente Occidente is gelegen tussen de plaatsen Olaya en Santafé de Antioquia. De brug is ontworpen door Ingenieur José Maria Villa. Op 4 december 1887 is begonnen met de bouw van de brug, op 27 december 1895 was de brug klaar. Toentertijd was het de grootste hangbrug van Zuid Amerika. Het gewicht wordt geschat op 160 ton, en de brug heeft een maximum draagkracht van 255 ton.

Een historische brug

Tijdens een bezoek aan Santafé Antioquia nemen we altijd even een kijkje bij de Brug: El Puente Occidente. Meestal is het te heet om de auto te verlaten maar de laaste keer heb ik toch de wandeling gemaakt over de brug. Zie foto´s hieronder.

De El Puente Occidente zorgt voor een verbinding tussen Santafé de Antioquia en Medellín met de rest van de provincie. Voordat de brug in gebruik genomen werd was er vanaf 1855 een verbinding tussen de twee oevers via een boot. In 1922 wordt de brug ook ingebruik genomen voor auto´s. In 1987 wordt de brug tot nationaal monument verklaart.

De brug bestaat uit 4 torens die 11 meter hoog zijn. De 4 torens worden verbonden door in totaal 4 kabels. De torens worden beschermt door gegalvaniseerde ijzeren platen om de onderliggende hout structuur te beschermen tegen weersinvloeden.

De vloer van de brug is van hout en heeft 3 wegen, 1 weg voor auto verkeer en twee voetgangers/fiets verbindingen aan de buitenzijde.

José María Villa

José María Villa is geboren in Sopetrán, Antioquia Colombia in 1850. Op zijn veertiende gaat hij naar de Univeristeit van Antioquia waar hij gedurende 4 jaar studeerd, na zijn studie doet hij een postdoc Mecanica in het instituut Stevens de Hoboken in New Jersy in de Verenigde Staten. Villa zit in het team van de ontwerpers van de Brooklyn Bridge in New York. Als Villa terugkeert naar Colombia ontwerpt en construeert hij 4 bruggen over de Rio Cauca (Cauca rivier)

  1. Pescadero tussen Ituango en Yarumal
  2. Puente Iglesias op de weg van Jerico
  3. Puente de la Pintada tussen Valparaiso en Carmanta
  4. Puente Occidente tussen Olaya en Santafé de Antioquia

Na deze projecten neemt Villa deel aan de constructie van de brug Navarro bij Honda, Tolima, na dit project besluit hij om docent te worden tot 1915 het jaar waarin José María Villa overlijd in Medellín.

Onderhoud

In de twintigste eeuw wordt regelmatig groot onderhoud aan de brug gepleegd met namen in de jaren 30. In 1955 de Ingenieur Juan de God Higuita worden de eerste verbeteringen bij de brug aangebracht die ook goed zichtbaar zijn. De houten dwarsbalken worden vervangen door die van aluminium, waardoor de brug een grotere draag capaciteit krijgt. Ook werden er wijzigingen in de vloer van de brug aangebracht.

In 1995 El Instituto Nacional de Vias in samenwerking met het Ministerie van Cultuur, werd met een betonnen structuur conserverende verbeteringen aan de brug aangebracht waar de brug voor volgende generaties behouden blijft.

 

 

Walter Guisao bedankt voor het Featured Image

Het ontstaan en de ontwikkelingen van Deliflor in Colombia

Naar mijn mening bestaat veredeling te­genwoordig voor 50% uit technologie en 50% uit marketing. Niet iedereen zal het met mij eens zijn, maar sinds mijn start bij Deliflor ben ik hiervan overtuigd. Breeding maakt jaarlijks vele kruisingen. Daar zijn niet veel mensen bij betrokken. Pas als de zaailingen bloeien, worden an­dere disciplines erbij betrokken. Keuzen maken is nodig, maar hier worden ook het snelst fou­ten in gemaakt. Een ras dat niet interes­sant lijkt voor Ne­derland kan in an­dere delen van de wereld goud waard zijn.

Om deze redenen heeft Deliflor besloten dat het hebben van testprogramma’s in het buitenland van cruciaal belang is voor de toekomst. Er zijn inmiddels al testloc-ties in Japan, Italië, Maleisië en Colom­bia. Om meerdere redenen vonden we dat we in Colombia nóg meer moesten doen. Samen met Nederland en Japan is Colombia één van de grootste chrysan­ten productie gebieden ter wereld. Op jaar basis worden er ongeveer 900 mil­joen stelen gepro­duceerd die voor namelijk naar de Verenigde Staten worden geëxpor­teerd. Daarom be­gonnen zeven jaar geleden de eerste verkennende reizen naar Colombia.

De start van Deliflor Colombia
Tweeënhalf jaar geleden ben ik naar Colombia verhuisd en heb mij daar per­manent voor Deliflor gevestigd. Het be­langrijkste doel van Deliflor Colombia is het serviceniveau voor de Colombiaanse telers te verhogen en onze veredelings-nummers in een vroeger stadium te kun­nen testen. Het Deliflor Colombia team bestaat uit 9 medewerkers, die dagelijks bezig zijn met het doen van bloeiproeven, verkoopvan moederplantenen het geven van technische ondersteuning aan telers. Op Flores Silvestres huren wij een loca­tie waar uitgebreide veredelingsproeven worden gedaan, op basis van Colombi­aanse teeltmethoden en met type ras­sen die aansluiten bij de voorkeur van de Amerikaanse consument.

Colombiaanse teelt
De teelt in Colombia is heel anders ge­organiseerd dan in Nederland. De Co­lombiaanse bedrijven zijn groot en kunnen al snel 30 hectaren meten. Op zo’n bedrijf werken vaak wel 500 me­dewerkers. Een ander groot verschil is dat de bedrijven helemaal zelfvoorzie­nend zijn, van de productie van stekken tot en met de verkoop van de bloemen aan de Amerikaanse groothandelaren. Het assortiment van Colombiaanse be­drijven bestaat uit wel 80 tot 120 chrysan­ten rassen per bedrijf. Daarnaast produce­ren de telers vaak ook andere producten zoals gerbera en asters. Rozen en anjers worden niet geproduceerd in het Medel-lin gebied omdat het daar te warm voor is. Deze producten worden hoofdzakelijk in Bogota geproduceerd. In totaal zijn er zo´n 40 Colombiaanse bedrijven die alle chrysanten voor de Amerikaanse markt produceren. De grootste Colombiaanse teler teelt op dit moment circa 2 miljoen stelen in de week. Hygiëne is van groot belang Het is in Colombia erg belangrijkziektevrij materiaal te kunnen leveren. De import van stek vanuit Nederland is om hygiëni­sche redenen niet toegestaan. Voorheen leverden we daarom vitro plantjes aan Colombia. Het nadeel hiervan is dat het meer dan een jaar duurt voordat je van dit materiaal goede stekken kunt maken. Tegen die tijd zijn er in Nederland al nieu­we, betere selecties gemaakt. Bedrijven in Colombia die met dit systeem werken lopen zo’n drie jaar achter op bedrijven die wel met stek materiaal uit Nederland kunnen werken.

De selecties die wij in Colombia nu kun­nen maken zijn voor deze markt vaak beter dan nieuwe selecties die uit Ne­derland vandaan komen. Ze hebben zich al aangepast aan het Colombiaanse kli­maat, wat ze betrouwbaarder maakt. Ook kunnen we sneller verbeteringen in de rassen doorvoeren die aansluiten op de behoeften van de markt.

Om tegemoet te komen aan de eisen met betrekking tot hygiëne, hebben we een speciaal protocol ontwikkeld. Al het ma­teriaal wordt twee keer per jaar op virus­sen getest. We gebruiken twee test pro­tocollen. Een methode komt uit Agdia. De andere is gebaseerd op real time PCR. Alle rassen hebben een eigen set hand­schoenen, zodat ziekten tijdens het stek plukken niet door de werknemers van het ene op het andere ras over kunnen worden gebracht.

Direct en dagelijks contact
Het belangrijkste van opereren op de Co­lombiaanse markt is het directe en dage­lijkse contact met de telers. We bezoeken de farms dagelijks, waardoor we snel in kunnen spelen op problemen. Ook heb­ben we zo de moge­lijkheid ze nieuwe din­gen te laten zien en hun mening te vragen over de rassen die we ontwikkelen.

Ontwikkelingen
De afgelopen drie jaar zijn voor de Co­lombiaanse bloemenindustrie niet ge­makkelijk geweest.
De kwaliteit van leven is in Colombia enorm vooruit gegaan. Echter de Ameri­kaanse Dollar is sterk in waarde vermin­derd in vergelijking tot de Colombiaanse Pesos. Dit zorgt voor de telers voor enor­me financiële problemen. Noodzakelijke investeringen worden uitgesteld omdat ze genoodzaakt zijn kosten te besparen. Dit heeft negatieve gevolgen voor de hele bloemensector in het land.

Toekomst
Toch zien we de toekomst met vertrou­wen tegemoet. De Amerikanen zullen bloemen blijven kopen en de Colombianen zullen ze blijven produceren. Vlieg- en arbeidskosten zullen de twee grootste uitdagingen zijn om in de hand te houden. Gelukkig kan je vanuit Carta-gena Colombia snel naar Miami met de boot varen dus hier zijn vele mogelijkhe­den om succesvol de transport kosten in de hand te houden. Voor het in de hand houden van de personeelskosten zal er geïnvesteerd moeten worden in automa­tisering, hierin zijn vele mogelijkheden en kunnen de Colombianen veel leren van de Nederlanders. Wel moet er altijd opgelet worden dat een oplossing voor Nederland vertaald moet worden naar een praktische oplossing voor Colombia.

Door Erik van Berkum in de functie als Area Manager Asia & America, Deliflor. Dit artikel is in het Engels in de Floraculture International geplaatst en is in het Nederlands verschenen in Het Blad: Personeelsblad van de Beekenkamp Groep.

Colombiaanse snijbloemen industrie netwerk

Colombiaanse snijbloemen industrie netwerkIn Colombia, viel de stijging van de export van snijbloemen samen met de inspanningen om de nationale economie te activeren en vreemde valuta te verwerven door niet-traditionele export te bevorderen. Tijdens het eind van de jaren ’60, had de Colombiaanse overheid het beleid uit om invoertarieven op landbouw producten uit de Verenigde Staten en Europa te verminderen, creëerde Proexpo, een vereniging voor het bevorderen van de Colombiaanse uitvoer, en stelde programma’s in om de Colombiaanse uitvoer te bevorderen. Enkele bevorderingsprogramma’s zijn Plan Vallejo, Certificado de Abono Tributario (CAT), en het uit 1984 Certificado DE Reembolso Tributario (CERT).

Om de War on Drugs te steunen van Colombia, gaf de Amerikaanse overheid een voorkeursbehandeling in het kader van de Andean Trade Preference Act (ATPA) aan de Colombiaanse snijbloemen industrie. Op dezelfde manier verleende de Europese Unie de Colombiaanse snijbloemen sector handelsvoordelen via het General System of Preferences (GSP). Deze internationale handelsakkoorden stelden Colombiaanse bloemen exporteurs vrij van betaling van import heffingen voor de Europa en de V.S.. Samen zorgden de Binnenlandse en internationale maatregelen ervoor in combinatie met sterk ondernemerschap van de Colombiaanse bloemen kwekers tot een snelle groei van de sector . Vandaag de dag in Sabana de Bogotá, zijn er ongeveer 460 bedrijven die hun bloemen verkopen aan 300 exporteurs. Er zijn, ongeveer 5.906 hectaren land gewijd aan de productie van de snijbloemen, die een gemiddelde van 70.000 directe banen en 60.000 indirecte banen in alleen Colombia realiseert. Verder is erg kenmerkend dat elk bedrijf zijn eigen productie maar ook zijn eigen distributie systeem heeft, ook is een belangrijke rode draad dat er een moordende concurrentie is onder de telers en dat er van vereniging en gemeenschappelijk belangen behartiging nauwelijks sprake is.

Colombiaanse snijbloemen industrie netwerkDe ongecontroleerde snelle groei van de bloemen sector en de penetratie van Colombiaanse bloemen op de markt in de V.S. werden niet positief ontvangen door de kwekers van snijbloemen in de V.S.. In 1973 diende de Amerikaanse kwekers petitities in bij hun overheid met de boodschap om Colombiaanse bloemen tegen te houden bij de grens. Geconfronteerd met protectionistische maatregelen, en om de belangen van de Colombiaanse bloemen industrie veilig te stellen creëerden Colombiaanse kwekers een vereninging genaamd Asocolflores (Colombian Association of Flower Exporters). Momenteel zijn er ongeveer 200 bedrijven lid van Asocolflores; een groot aantal, maar toch nog minder dan de helft. Asocolflores verdedigde de Colombiaanse bloemen industrie tegen de anti-dumping beweringen en lobbyde bij de Amerikaanse overheid om geen protectionistische maatregelen te treffen. Toch werden anti-dumping maatregelen getroffen in 1987 tegen de Colombiaanse bloemen industrie terugwerkende tarieven werden opgelegd aan de chrysanten en anjers uit Colombia. Om verdere beschuldigingen te vermijden, deed de Colombiaanse bloemen industrie vrijwillig afstand van alle overheidsprogramma’s, met inbegrip van CERT. In 1999, sloot Asocolflores zich aan bij “U.S. cut flower growers” om gezamelijk FPO Flower Promotion Organisation) op te richten een organisatie voor de bevordering van de consumptie van bloemen.